16.

Je bent te dichtbij gekomen

ik heb lang met mijn brief gewacht

langer dan je lief was: hoe laat ik je los?

nog steeds denk ik aan je, hoe je beweegt

nu in het nieuwe huis met je zoon

zie ik je lopen, je laat hem niet meer los

heeft hij me van jou bevrijd

hij maakt zich straks al van je los

je blijft alleen met sentimentele onzin:

‘een kind  is altijd een bewijs van vreugde

en trouw’ staat op één van de kaarten.

Advertenties

 

15.

Je zegt dat je het mooiste kind

van de wereld hebt gekregen

je lacht er niet eens verontschuldigend bij

je vindt hem schandalig mooi: moeder-

liefde is nergens mee te vergelijken

je legt je zoon in de wieg naast de kolenkachel

die weer terug is in het nieuwe huis

je vertelt hoe onbegrijpelijk je het vond

toen een zuster jouw kind wegdroeg

twee meter van je bed, je gaat bij je zoon zitten

ik mag hem even in mijn armen nemen

hij nam geen deel aan onze emotie

keek zonder verleden naar ons op.

 

14.

Door de beregende ramen van de caravan

zag ik je buiten lopen: drie beelden

donkere toverlantaarnplaatjes van zuster

Ursula in een getekende werkelijkheid

welke vlinders zocht je in het duister

te ontlopen? in drie beelden stilgezet

fasen in een proces naar een voorspelbaar einde

alleen die ene vlinder neem je altijd mee

je hebt hem gevangen tot de metamorfose

waar hij zelf het leven leven moet

waar hij van je weg vlindert

jou achterlatend met je bittere honing

13.

Iemand werd wakker met de woorden:

‘Hij dacht voortdurend aan te vroeg

en dood geboren’. Dat mag niet gebeuren

N, jouw kind moet leven zoals kinderen

uit de Sahel dik en rond geboren worden

terwijl hun moeder uitgeput en nauwelijks

zogen kan; wreed en schoon is het leven

dat zich klaar maakt om in ons huis

te wonen, onze kinderen

ze maken dezelfde fouten of andere

ze gaan gebukt onder ons verleden

maar ze zullen rechtop staan

en de liefde begroeten als een wonder.

12.

Vandaag zag ik je letter, N, op een schilderij

van Gianni Dessi uit Rome. Hij schilderde

een lam zoals jij het ooit in je armen droeg

achter het huis dat nu weg is

zijn lam was opgebouwd uit figuratieve

resten, vlekken, boven de letter N

die zijn poten vormden, links en rechts

een vlammend angstig duister waartussen

het lam AG N US aarzelend en teder naar

voren kwam, met hangende oren, bedreigd

door AG en US langs het roomwitte pad

maar het ontkwam naar voren.

 

11.

Je kocht het boek zonder dat je het wist

bij de minnares van je man: gedichten

en zij pakte het met een glimlach, met liefde

in, wetend hoe mooi hij het zou vinden

keek ze je na toen je de deur uitging?

heeft ze zich toen teruggetrokken

uit schaamte, uit verdriet, omdat ze wist

dat zij ook eens zó uit een winkel zou lopen

haar geschenk onder haar arm, haar borsten

zwaar van verlangen, niet zo zwaar als de jouwe.

 

10.

Hij ging op weg om half twaalf, je hoorde

de auto op de kasseien en jij zat

te staren met je handen in je schoot

later trok je het bed uit de wand

je ging slapen en hoorde nog lang

auto’s naderen die verder reden

toen hij terug kwam, had hij nog

twee uur om te slapen op de bank

’s ochtends hield je het kind stil

en bracht hem koffie terwijl het bed

allang weer in de wand verdwenen was.