Aangestapt, met een steen zo groot
als haar bovenlijf, haar handen klein
er om vastgeklemd, beweegt zij
naar de blokkade tegen het leger.

Ze wil meedoen om haar huis
te redden van de sloop, als Esther
of Judith is zij bereid te vechten
voor haar volk. Daar komt ze aan.

Geen David maar een reuzin
ogen wijd open naar het kwaad
de mond vol levenswellust
klaar om haar groeiende schoonheid
te offeren aan een verouderd ideaal.

 

Advertenties