Hij zit als Sigmund Freud

maar zonder sofa, ernstig

in zijn witte jas te werken.

 

Hij schrijft niet, hij tekent

luistert niet, hij kijkt

en zij ligt niet op de sofa.

 

Zij denkt aan god weet wat

haar armen geheven.

Zij zwijgt en wacht.

 

Op zijn papier groeit

het naakt: zij is het niet.

Hij laat haar rusten.

 

Advertenties