We kennen het allemaal wel: je droomt over een geweldig verhaal of een treffend gedicht. Je hoeft het alleen maar te onthouden en als je opstaat te noteren, maar dan word je wakker en de inhoud is vervlogen. Je weet alleen nog dat er was was, maar wat?

Carmiggelt werd hier ook door geplaagd en besloot een opschrijfboekje naast zijn bed te leggen. Hij droomde een spannend verhaal, knipte het bedlampje aan en schreef half bewust een zin op, draaide zich tevreden om. Zo, nu had hij de volgende morgen een houvast en dan zou hij het verhaal wel kunnen reconstrueren. De volgende morgen greep hij nieuwsgierig het papier om de veelbelovende zin te lezen. Wat stond er? ‘De kat zit achter de muis aan…’

 

Tom van de Voorde schreef:

 

Het luie meesterwerk

 

Ik droomde dat ik een gedicht schreef

Het was een schitterend gedicht

een ongeziene stap in mijn oeuvre

De woorden rolden blakend door mijn keel

dansten jong en hevig op mijn tong

Ik had zoveel vertrouwen

Het stemmetje in mijn hoofd was nauwelijks te horen

Geen bekommernis geen gedoe

Ik zong vol vreugde en lyriek

Noteer ze dan onnozelaar

riep het roze dwergje naast me

Doe je nachtlamp aan

en schrijf die godvergeten verzen neer

Het was koud die nacht

maar onder mijn deken was het warm

ooh zo warm

 

Leuk, maar is dit poëzie? Misschien denk je dat bij regel vier en vijf, maar die zijn toch ook weer niet zo verrassend of origineel. Het roze dwergje dan? Ja, daar zou je even kunnen denken: hé wat is dat? Het ontbreken van punten en komma’s?

Zet het achter elkaar, plaats wat leestekens en je ziet dat het proza is, leuk, maar niet bijzonder.

 

Ik droomde dat ik een gedicht schreef. Het was een schitterend gedicht,

een ongeziene stap in mijn oeuvre. De woorden rolden blakend door mijn keel, dansten jong en hevig op mijn tong. Ik had zoveel vertrouwen! Het stemmetje in mijn hoofd was nauwelijks te horen; geen bekommernis geen gedoe. Ik zong vol vreugde en lyriek. ‘Noteer ze dan onnozelaar’, riep het roze dwergje naast me. ‘Doe je nachtlamp aan en schrijf die godvergeten verzen neer!’ Het was koud die nacht, maar onder mijn deken was het warm,

ooh zo warm.

 

Tom van de Voorde, Zwembad de verbeelding, Poëziecentrum, Gent, 2017

 

 

 

 

 

Advertenties