Je laat je nog even zien

dichtbij, maar al onbereikbaar

trillend dans je om me heen.

Je wijkt in een zwierig afscheid.

 

Dan klim je omhoog

de blauwe lucht in

steeds hoger en je begint

te zingen tot ik duizelend

 

wegval, tegen de zon in.

Je trappelt in de lucht

onzichtbaar bijna – je vult

de ruimte met pure aanwezigheid.

 

 

 

Advertenties