Ik Hawkwood: zwerver, nomade, de weg.

Het ging anders toen ik sedentair werd

toen de steden mij vastlegden als huurling

om een andere huurling te verslaan.

Vechten in een rauwe rondedans

om de macht, om steeds meer geld.

 

De kinderen van Bethlehem

de vrouwen van Cortona vluchtten

voor de zwaarden als ze niet

in het water sprongen, eerst verkracht

daarna gekliefd door het bevlekte ijzer.

Het lijkt beter te verdrinken.

 

In opdracht van Visconti

moet een les worden geleerd.

Alle steden moeten weten

wat de inwoners te wachten staat

als ze niet betalen voor ons werk.

Genadeloos tot de laatste man.

 

Niet het besef dat je één bent met alles

maar afgescheiden, koud of heet, menend

dat je verder moet trekken alsof

je alleen bent, met het krankzinnige doel

anderen te doden, omdat zij nu eenmaal

behoren tot een andere groep, heet of koud.

 

 

 

Een dorp wordt geplunderd, sommigen

overleven omdat de soldaten voort moeten

geen tijd hebben om alles in brand te steken.

Een moeder zegt tegen haar kinderen:

‘Het is al voorbij, stil maar, het is al voorbij.’

Wat er niet meer is, heeft nooit bestaan.

 

Soms zijn mensen geniaal, soms vooral

ijverig. Hawkwood was soldaat en handelsman.

Hij bestudeerde nauwgezet contracten

deed er zijn voordeel mee, rechtop

te paard berekende hij zijn kansen

in het veld en aan de poorten van de stad.

 

Soldaten die wanhopig voortgaan

door het landschap in hitte en kou

wezenloos proberen te overleven.

Ze weten niet waar ze heengaan

hoe lang het duurt voor de vijand

mannen als zij, uit de hinderlaag opduikt.

 

Op een heuvel aankomen, de diepte

zien en weten dat je weer omhoog

moet en weer. Is het pad nog begaanbaar

liggen er mannen in hinderlaag?

Hoe lang nog lopen door struikgewas

door kuilen en zandhopen, waar naar toe?

 

Advertenties