U hebt geen schuld zegt
de dochter tegen de moeder.

Die komt nog, later, als u
vader in bad laat gaan.

Broertje, je moest je vader wreken.
Zusje, je ging mee zonder verzet.

Steelt nectar en ambrozijn
slacht zijn zoon als spijs voor de goden.

Belofte maakt schuld, dacht Jephta
toen zijn dochter op hem afsprong.

Wie geselt een jonge slavin
in opdracht van zijn meester?

Zij stopt glasscherven in de zak
van de jas van haar pianojuf.

De kapitein springt in de sloep
laat de passagiers in het schip.

Geef ons heden, vergeef ons
zoals ook wij vader, moeder, kind.

Advertenties