I

Zij is niet zo jong, maar zij danst
op het uitgestrekte beton
niet weg van de vreemde president
naar hem toe
en toch van hem weg.

Een vreemde draai
in haar benen.

Zij wil niet de lucht in
zij wil hier koningin zijn
en meisje.

Hij valt naar haar toe
blijft nog even staan.

Later zien ze elkaar
op een begrafenis.
‘Weet u nog hoe ik van u weg…?’
‘Ja’, zegt hij, ‘maar u bleef.’

Advertenties