In de bibliotheek van Leck in Sleeswijk Holstein, waar veel literatuur te vinden is, onder andere van Thomas Mann, zat een Turkse vrouw lang te bellen met haar smartphone, waarschijnlijk vanwege de aanwezige wifi. Haar dochter nam een prentenboek door, schonk zichzelf gratis thee en at een koekje. Af en toe zag je haar oplettend kijken bij het gesprek. Ze keek blij als haar moeder lachte. Haar broertje speelde met een auto op de grond.
Bij een kast stond een medewerkster te praten met een Ethiopische jonge man. Ze vroeg of hij al eigen woonruimte had. Hij zei lachend ‘nee, maar dat komt’.
De volgende dag zat er een dikke oude man, uitdrukkingloos aan tafel. Een gastvrouw schonk koffie voor hem. De bibliotheek was een opvangcentrum geworden.
Even later zagen we hem in de winkelstraat lopen. Waar naartoe en hoe weer terug?
We zagen in Niebüll een meisje op een fiets, pratend in haar smartphone snel voorbij gaan. Het leek een scène uit een film.
Op een nabij gelegen kunstmatige heuvel zat een man met een fiets te eten. Hij vertelde dat daar in de verte een tehuis was voor senioren die zorg behoeven, met een afdeling voor ouderen die nog niet zo ver zijn. De zee lag nog 15 km naar het westen. We gingen er naar toe door een dijkgat en in Südwesthörn zagen we dan eindelijk het water binnen bereik. Er was een trap naar het water waar een meisje half in zee stond te kleumen. Het was haar te koud. Het duurde geruime tijd voor haar vader haar zo ver kreeg dat ze ging zwemmen, maar toen bleef ze er een half uur in. Zo koud was het dus niet.

Advertenties