Langzaam, sierlijk, met zijn cilindrisch lijf
traag glijdt hij de trappen af, horizontaal
verticaal, horizontaal, verticaal

en gratie Gods, dat is levensmoed.
Tussen toren eenentwintig en
tweeëntwintig, glijdt hij naar voren.

Hij denkt niet, maar hij gaat
golfsgewijs maar zeker naar
tweeëntwintig, die hij in zijn korte

leven niet zou halen, maar hij gaat
de trappen af. Voor hem geldt geen
hoog of laag, op weg naar het einde.

Advertenties